Het is weer zover, mijn halfjaarlijkse “jetlag” ervaring zonder dat ik in een vliegtuig heb gezeten is weer van de partij. Ik weet dat ik niet de enige ben met deze nadelen van het aanpassen aan een tijdswijziging met twijfelachtig nut.
Het verzetten van de klok van zomertijd naar wintertijd gaat nog wel (al is ook dat niet zonder gevolgen), maar andersom werkt het serieus mijn natuurlijk ritme tegen. Sommige mensen kijken uit naar die wijzigingen want de winter of zomertijd past beter bij hun eigen ritme maar uiteindelijk heeft het aanpassen aan een veranderde tijd nare gevolgen voor de mens zelf. Als er al voordelen zitten aan dat gebeuren is het voornamelijk economisch van aard.
Omdat ik door mijn beperkingen niet of nauwelijks bij kan dragen dat economisch geweld vraag ik mij af of ik mij wel zou moeten houden deze jaarlijkse traditie. Ik kan, in theorie, mijn leven leiden zonder dat ik rekening zou hoeven te houden met tijd. In theorie, aangezien de rest van de wereld, waar ik toch mee moet interacteren op de een of andere manier, wél vasthoudt aan dat menselijke construct.
Wat is nu de reden van die “jetlag” ervaring? Hoe zou ik een te werk kunnen gaan om mij te onttrekken aan het jaarlijks ritueel van klokaanpassingen, of op zijn minst dat ik zo min mogelijk last heb van de wijziging?
Waarom wordt de klok tweemaal per jaar aangepast?
Het verzetten van de klok naar zomer- of wintertijd is een aanpassing die gedaan wordt om optimaal te profiteren van het daglicht. Of dat was de reden want of het in deze tijd nog steeds zo profijtelijk is is maar de vraag.
Voordat tijd gelijkgetrokken werd leefde iedere stad of regio volgens een eigen tijd gebaseerd op wanneer de zon op zijn hoogste punt was binnen die regio. Maar door technologische vooruitgang en steeds belangrijker wordende handel tussen regio’s werd het afwijken van de lokale tijden als belemmerend ervaren. Zo werden treintijden al snel aangepast naar een enigszins standaard tijd waarbij werd afgesproken dat 12 uur op het een station 12 uur op het andere station betekende.
Omdat de wereld nu eenmaal om de zon draait en het niet op elk continent tegelijkertijd dag was werd de wereld opgedeeld in tijdzones. Landen werden ingedeeld in een zone op basis van een gemiddelde tijd die in Greenwich wordt gemeten (Greenwich Mean Time, GMT) en vanwaaruit werden de zones opgedeeld in nabijheid de dichtstbijzijnde 12 uur meting. De tweede wereld oorlog gooide echter roet in het eten. Voor Duitsland was het handiger als alle veroverde gebieden dezelfde tijd aanhielden. Nederland, dat dichter bij de engelse 12 uur meting zit en dus in GMT was ingedeeld, werd ineens GMT+1 om zich te conformeren aan de Berlijnse tijd die als het middelpunt voor de zone waarin Duitsland zit gold. En daar zitten we nu nog steeds in.
Hierdoor konden reizigers, handelaars en handelsondernemingen betere afspraken maken omdat de treintabel overal eensluidend was. Dat was vooral voor de handel zeer belangrijk omdat logistieke processen efficiënter op elkaar afgestemd konden worden. Al snel werd deze praktijk doorgetrokken naar de rest van de samenleving. Fabrieken die de producten moesten leveren aan handel moesten zich gaan conformeren aan deze efficiënte manier van handel drijven en van daaruit volgde de rest vanzelf. Arbeiders moesten op tijd beginnen, huisvrouwen moesten op tijd hun boodschappen kunnen doen enzovoorts.
Om de tijd in Nederland aan te passen aan de natuurlijke cyclus die we hier ervaren en dus meer te profiteren van de dag werd al snel besloten om de klok te gaan verzetten in zomer en winter. Maar omdat we dit doen, en niet teruggaan naar de tijdzone die het best past bij ons, heeft dit wel de nodige gevolgen voor ons natuurlijke ritme.
Natuurlijk ritme versus menselijk tijdsconstruct
Elk mens kent zijn eigen circadiaans ritme. Een duur woord voor je intern tijdsgevoel, oftewel, je eigen slaap-waak ritme zoals vastgelegd in je persoonlijk dna. Sommige mensen staan liever vroeg op en gaan liever vroeg naar bed terwijl anderen juist actiever zijn in latere uren. Er zijn verschillende chronotypen (vroeg, midden, laat) voor ons mensen. Dat heeft vooral te maken met onze eigen interne klok die, hoewel hij ongeveer in 24 uur in te delen is, bij de ene mens dichterbij de 23 en bij bij de ander dichterbij de 25 uur komt. Dit heeft gevolgen voor hoe wij onze dag indelen en kan dus botsen met een strak aangehouden schema van 24 uur zoals die door ons menselijk construct keihard aangehouden wordt.
Maar het gevolg is dat verstoringen van dat ritme, onder andere dus het verzetten van de klok, voor de ene mens meer gevolgen heeft dan voor de ander. Als je meer richting de 23 uur zit kan het vooruit zetten van de klok meer gevolgen hebben als je ineens 25 uur verschil hebt in je dagelijks ritme in plaats van die 23 uur. Dit kun je als een milde “jetlag” ervaren. Je intern tijdsgevoel wijkt af van wat je op klokken ziet, klokken die bepalen wanneer je pauzes moet nemen, wanneer je maaltijden zijn, wanneer je naar bed gaat of opstaat. Alles is ineens te vroeg (of te laat als je de andere kant opgaat qua klok verzetten). Ik, bijvoorbeeld, ben een laat chronotype. Ik kan niet vroeg opstaan zonder gevolgen en kruip liever wat later mijn bed in als het even kan. Als de klok een uur terug gezet wordt schreeuwt mijn lijf dat het te vroeg is om op te staan als de wekker gaat.
Er omheen werken
Kunnen we er niet omheen werken? Een verstoord ritme heeft gevolgen voor je gezondheid en voor de maatschappij in zijn geheel omdat mensen door het wijzigen van de klok in een verkeerd ritme leven en de aanpassingen tijd in beslag nemen. Het gevolg is dat er een grotere kans is op hart problemen en aandoeningen als obesitas en diabetes (je lichaam gaat anders om met voedsel dat niet op het “juiste” moment wordt genuttigd bijvoorbeeld). Maar ook zijn er gevolgen voor alertheid, en dus voor verkeersdeelname. Je reist immers op een tijdstip waarin je volgens je eigen ritme nog wakker aan het worden bent.
Er omheen werken is dus lastig want de maatschappij houdt zich vast aan het tijdsconstruct of je dit nu wil veranderen of niet. Maar, als je net als ik, minder met dit maatschappelijk ritme te maken hebt kun je wel aanpassingen doen om de gevolgen van deze wijzigingen te verminderen.
Allereerst kun je volgens je natuurlijke slaap- en waakritme gaan leven. Vergeet de klok en de wekker en slaap pas wanneer je lijf aangeeft dat het moe is en sta op als je vanzelf wakker wordt. Het zorgt er wel voor dat je in de winter langer slaapt en in de zomer korter dan de rest van de maatschappij maar het zorgt er wel voor dat de jetlag minder lastig wordt.
Het betekent ook dat je volgens de klok te vroeg of te laat aan maaltijden begint maar jouw lijf vindt van niet. Dit is het ritme dat het kent en dat het nodig heeft. Jouw lichaam geeft zelf wel aan wanneer het tijd is voor voedsel. In mijn geval moet ik wel vasthouden aan bepaalde “tijden” vanwege gezondheidsredenen maar dit hoeven dus niet de tijden te zijn die de klok aangeeft. In de zomer kan ik best een uurtje vroeger aan mijn maaltijden zitten t.o.v. de winter. Het wordt alleen lastiger als ik afspraken heb om buiten de deur te gaan eten. Dan zal ik me moeten conformeren aan de maatschappelijk afgesproken tijd.
Licht blijft belangrijk. Ik moet zorgen voor voldoende licht overdag voor mijn geestelijk welzijn (vitamine d anyone?) maar ook in de avonduren zal ik moeten letten op licht. Kunstlicht is nu eenmaal nadelig voor je slaap zoals intussen iedereen al wel weet of op zijn minst gehoord heeft. Omdat ik dus een ander ritme aanhoudt kan het zijn dat ik langer in kunstlicht vertoef. Hiervoor zal ik dus mijn schermtijden (smartphone/tablet, tv, laptop/computer) moeten aanpassen om te voorkomen dat ik mijn slaap verstoor door teveel blootstelling aan het felle licht van deze schermen dat de aanmaak van melatonine (slaaphormoon) onderdrukt.
En als we dan toch bezig zijn, waarom pas je jezelf niet aan aan de seizoenen? Vroeger was dit al gewoon, mensen pasten zich aan aan de seizoenen en leefden anders per seizoen. Rust en langere slaaptijden in de winter, actief en korter slapen in de zomer enzovoorts. Maar, denk hierbij ook aan het eten van datgene wat in het seizoen beschikbaar is. Omdat we in de supermarkten tegenwoordig alles het gehele jaar door kunnen verkrijgen eten we steeds vaker voedsel dat ons eigenlijk de verkeerde bouwstenen levert. Ons vers winter voedsel is minder vers dan het lijkt als het gekoeld wordt ingevlogen uit regio’s waar het op dat moment hoogzomer is. Maar bovendien voorziet het ons van bouwstoffen die we op dat moment niet nodig hebben. En dat wordt dan weer door het lijf afgevoerd want niet nuttig of opgeslagen voor het moment dat het wel nuttig kan zijn (en waar denk je dat dat in opgeslagen wordt?).
Uiteindelijk komt het aan op het minder afhankelijk worden van kloktijden. Plan de activiteiten in de periodes van de dag waarin je sowieso actief bent, ongeacht de tijd die de klok aangeeft. Laat de zon, of het licht, en jouw lijf je ritme bepalen. Wees flexibel (naar jezelf toe) als je met de buitenwereld te maken krijgt, plan afspraken op de tijden dat het jouw ritme past. Maak vrienden en familie duidelijk dat je volgens je eigen natuurlijke ritme leeft en niet volgens een of ander menselijk construct. Als ze om je geven passen ze zich vast wel aan jouw momenten van beschikbaarheid aan.
Leer dus luisteren naar je lichaam. Of je nu mindfulness toepast of mediteert of wat anders. Leer de signalen herkennen van je lijf. Hou een soort van dagboek bij om patronen te herkennen. Experimenteer desnoods en pas toe wat je leert over je lichaam, over de (on)mogelijkheden die je hebt en sta jezelf toe af te wijken van je eigen ritme als het nodig is. Maar luister vooral naar wat jij voelt.
Misschien is het tijd om niet alleen de wekker uit te zetten, maar ook om ons leven weer te laten leiden door wat echt telt: ons eigen ritme. Nou… waar is die instelling van mijn wekker op mijn telefoon…
Geef een reactie